Website laten maken: freelancer of bureau?
Bijgewerkt
Voor een zzp’er of een klein bedrijf met een website van vijf tot vijftien pagina’s is een freelancer bijna altijd de betere keuze: je praat met de persoon die het werk ook echt doet, er zit geen laag tussen die je vraag doorgeeft, en je betaalt niet mee aan overhead die je niets oplevert. Een bureau wordt de betere keuze zodra er meerdere specialismen tegelijk nodig zijn, zodra continuïteit een harde eis is in plaats van een prettige bijkomstigheid, of zodra het project simpelweg te groot is voor één paar handen binnen jouw deadline.
Ik ben zelf de freelancer in dit verhaal, dus lees het met die wetenschap. Daarom staat de eerlijke helft ook uitgebreid in dit artikel: er zijn situaties waarin ik zou aanraden om een bureau te bellen, en die staan hieronder zonder verzachtende omstandigheden erbij.
Wat koop je eigenlijk bij een freelancer?
Eén persoon die ontwerpt, bouwt en oplevert, en die je daarna nog steeds aan de telefoon krijgt. Het lijntje is kort: wat je vandaag bespreekt kan morgen in de site zitten, zonder tussenstap via een projectmanager. Er zit ook niemand tussen die jouw vraag anders formuleert dan je hem stelde.
Het tarief is meestal lager, en dat komt niet doordat het werk minder waard is. Het komt doordat er geen kantoor, geen salesteam en geen accountmanagement in je uurtarief zitten.
Wat je erbij krijgt en niet altijd wil: de smaak, de sterke en de zwakke kanten van die ene persoon. Een freelancer die goed is in techniek en matig in tekst levert precies dat. Bij een bureau zit daar iemand naast.
Wat koop je bij een bureau?
Een team en een proces. Dat betekent in de praktijk: een ontwerper die alleen ontwerpt, een developer die alleen bouwt, iemand die de planning bewaakt, en vaak een tekstschrijver of SEO-specialist die aanschuift. Voor een project met veel bewegende delen is dat waardevol, want die mensen hoeven niet allemaal alles half te kunnen.
Je koopt er ook zekerheid mee. Valt er iemand uit, dan gaat het project door. Er is een contract met reactietijden, er is een factuuradres dat volgend jaar nog bestaat, en er is meestal een aansprakelijkheidsverzekering waar een inkoopafdeling naar kan vragen.
En je betaalt voor die structuur, elk uur, ook de uren die aan afstemming opgaan.
Wanneer is een bureau echt de betere keuze?
Hier vijf situaties waarin ik zonder aarzelen naar een bureau zou verwijzen.
Als je meerdere disciplines tegelijk nodig hebt. Een nieuwe huisstijl, een website, campagnemateriaal en de teksten, allemaal in hetzelfde traject. Dat kun je bij losse freelancers inkopen, maar dan word jij de projectmanager. Bij een bureau is dat werk ingekocht.
Als continuïteit een harde eis is. Draait er omzet over je website, zit er een boekingssysteem in, of ben je afhankelijk van een koppeling die dagelijks moet werken? Dan is “die ene persoon ligt drie weken in het ziekenhuis” een risico dat je niet wil lopen. Een freelancer kan dat deels afdekken, maar niet volledig, en wie beweert van wel verkoopt je iets.
Als er inkoopeisen zijn. Aanbestedingen, grote opdrachtgevers en sommige branches vragen om certificeringen, om een minimum aantal medewerkers, om een SLA met gegarandeerde reactietijden of om een omzeteis. Daar kom je als eenmanszaak niet doorheen, hoe goed je werk ook is.
Als het project groot is en de deadline vast. Vijftig pagina’s, drie talen en over acht weken live, dat is rekenwerk waar één persoon niet uitkomt. Werk dat parallel gedaan moet worden vraagt om meer mensen.
Als er binnen jouw organisatie veel partijen meepraten. Meerdere afdelingen, een directie met een mening, een marketingcommissie. Dat proces begeleiden is een vak apart, en een bureau heeft daar mensen voor die het elke week doen. Een freelancer wordt in zo’n situatie meestal heen en weer geslingerd tussen tegenstrijdige wensen.
Wanneer is een freelancer de betere keuze?
Als je website vooral moet uitleggen wie je bent, wat je doet en hoe iemand je bereikt. Dat is verreweg de meeste bedrijfswebsites, en dat is werk waar één ervaren persoon prima in slaagt.
Als je snelheid wil. Zonder tussenlagen zit er weinig tijd tussen een vraag en een aanpassing. Wat bij een bureau een wijzigingsverzoek is dat ergens in een sprint landt, is bij een freelancer vaak een appje en een half uur.
Als je waarde hecht aan één gezicht. Je weet wie je site heeft gebouwd, en over twee jaar is dat nog steeds dezelfde persoon die weet waarom iets is zoals het is. Bij een bureau is de kans reëel dat de developer die jouw site bouwde er dan niet meer werkt.
En als je budget beperkt is en je toch iets goeds wil. Dan gaat bij een freelancer een groter deel van je geld naar het bouwen zelf.
Wat is het risico bij een freelancer, en hoe dek je dat af?
Dat er één persoon is. Dat is meteen de aantrekkelijke en de kwetsbare kant. Je dekt het niet af met vertrouwen, je dekt het af met afspraken.
Zorg dat het domein op jouw naam staat, bij een registrar waar jij zelf kunt inloggen. Niet op naam van de bouwer. Dit is de meest voorkomende manier waarop mensen jarenlang klem komen te zitten bij een leverancier waar ze weg willen.
Vraag om standaardtechniek. WordPress, een gangbaar framework, een normaal CMS: iets waarmee een volgende bouwer overweg kan. Een zelfgebouwd systeem dat alleen de maker begrijpt is voor jou een risico, hoe elegant het ook is.
Regel toegang tot alles: hosting, CMS, code, DNS. In je eigen accounts, met je eigen wachtwoorden. En vraag hoe de overdracht eruitziet als je ooit stopt. Wie daar geen helder antwoord op geeft, geeft je meteen je antwoord.
Wat is het risico bij een bureau?
Dat je niet krijgt wat je dacht te kopen. In het verkoopgesprek zit de senior; op je project zit soms de junior. Dat hoeft geen probleem te zijn, maar het is wel een vraag die je expliciet mag stellen: wie doet het werk, en hoeveel ervaring heeft die persoon?
Verder loopt de afstand vaak op. Je vraag gaat via een accountmanager naar een ticketsysteem naar een developer, en het antwoord komt via dezelfde route terug. Voor een klein bedrijf dat af en toe een tekst wil wijzigen voelt dat traag en duur.
En let op het CMS. Sommige bureaus bouwen in hun eigen systeem, dat alleen zij onderhouden. Dat werkt prima zolang je bij hen blijft. Wil je ooit weg, dan begin je opnieuw.
Welke vragen stel je, wie je ook kiest?
Wie doet het werk feitelijk, en spreek ik die persoon ook? Op wiens naam staan het domein en de hosting? In welk systeem wordt het gebouwd, en kan een andere partij daar later mee verder? Wat gebeurt er na oplevering, en wat kost een wijziging dan? En: mag ik twee klanten bellen van wie de site langer dan een jaar draait?
Die laatste is de nuttigste. Een portfolio laat zien wat er is gebouwd. Een klant van twee jaar geleden vertelt je hoe het ging toen er iets stuk was.
En de prijs dan?
Die verschilt, maar minder voorspelbaar dan je denkt: een kleine studio van twee man kan goedkoper zijn dan een dure freelancer, en andersom. Wat de markt in Nederland ongeveer rekent voor beide, met bronnen erbij, staat in Wat kost een website laten maken?. Ik herhaal die bedragen hier niet, omdat de prijs zelden de vraag is die deze keuze beslist.
De vraag die hem wel beslist: heb je een team nodig, of heb je iemand nodig?
Denk je dat het laatste het geval is, kijk dan bij webdesign en development wat dat bij mij inhoudt: één aanspreekpunt van eerste gesprek tot oplevering, gebouwd in techniek waar een ander later ook mee verder kan. En blijkt uit ons gesprek dat je toch beter af bent bij een bureau, dan zeg ik dat gewoon.